Fotohutten in de Donaudelta

_MG_4817

 

Fotografiereis van het Centrum voor Natuurfotografie

We zijn met het Centrum voor Natuurfotografie in Roemenië om gedurende een week van het vogelleven te genieten op een afgelegen plek in de Donaudelta. Daarvoor reizen we met twee minibusjes van Boekarest naar Tulcea, aan de monding van de Donau, een rit van ruim vier uur door een monotoon, verlaten landschap. Het lijkt de Noordoostpolder wel. Maar dan in het groot.  De verrekijker en camera kunnen in de tas blijven; er is niets te zien.  Bij Tulcea vertakt de Donau enkele keren en vormt daardoor een enorme delta die uitmondt in de Zwarte Zee, met opvallende gelijkenis met onze eigen Biesbosch. En ook hiervoor geldt: de Biesbosch, maar dan in het groot.  Zoals u kunt uittekenen is het hart van  delta alleen met een auto bereikbaar als er bruggen of veerponten zijn. Beiden zijn er niet in de Donaudelta en daarom houdt de weg op in Tulcea. We laten de auto’s achter en gaan verder met een boot, een tocht met een watertaxi annex speedboot (28 knopen!) over een rivier van liefst 80 kilometer!. Het lijkt Giethoorn wel. Maar dan in het groot.

Roemenië

Roemenië heeft een overzichtelijke structuur. Het landschap is eentonig en vlak, grotendeels zelfs platter dan Nederland. De Donau stroomt er als een brede levensader doorheen. Je hebt er één grote stad: Boekarest. Het platteland is arm en zelfvoorzienend. Nee, het was zelfvoorzienend en nog steeds arm. Vijf jaar geleden reed ik er doorheen en zag ik kleinschalige landbouw, vervallen schuren, hoog opgetaste  wagens met een paard ervoor, velden rood van de klaprozen, scharrelaars en hoppen op de draden langs de weg, dorpen  met op elke schoorsteen een ooievaarsnest. Nu hoort Roemenië bij de Europese Unie. De kleinschalige landbouw heeft plaatsgemaakt voor monocultuur: uitgestrekte maisvelden, zonder ooievaars en zonder scharrelaars op de draden. Nog steeds vervallen schuren en uitgestorven dorpen. Grote tractoren en moderne landbouwmachines. De landbouw heeft niet langer de zelfvoorziening tot doel, nee, eerder veronderstel ik het binnenharken van Europese landbouwsubsidies. Het is de ondernemers niet eens aan te rekenen,; het is niet strafbaar gebruik te maken van een faciliteit die de overheid toewerpt.

Ultima Frontiera, een vogelparadijs in de Donaudelta

Na 2,5 uur vliegen, 4,5 uur rijden en 1,5 uur varen bereiken we eindelijk Ultima Frontiera. Aan de andere oever heet het Oekraïne. Ik stond vanochtend om 4 uur op; als wij eindelijk arriveren op het landgoed is het 20 uur. Het schemert intussen. Deze reisdag duurde een kleine 17 uur! In diezelfde tijd ben je van deur tot deur tot in Zuid-Afrika! Je moet er wat voor over hebben….Onze aankomst op het landgoed is meteen leuk: langs de steiger stikt het van de groene kikkers die her en der op de weelderig groeiende waternoot zitten. Leuk voor een kikkersessie in de komende dagen. Pelikanen luieren voor de ondergaande zon, koeien waden door laag water. Een volle maan rijst op vanachter de rietkragen. Een heldere, zwoele nacht kondigt zich aan. We krijgen pasta en een koel biertje. Ik ben de lange reis al vergeten!

_MG_5789

IMG_2049

Het uitgestrekte geïsoleerde landgoed is 1100 hectare groot en bestaat uit kanalen, visvijvers, veel rietland en wat stukken bos. Na het verdrijven van dictator Ceausescu werden de visvijvers verwaarloosd. De Italiaanse natuurorganisatie Skua Nature werd drie jaar geleden gevraagd of het vanwege de rijke vogelstand een toekomst zag als natuurreservaat. Sindsdien heet dit landgoed heel toepasselijk Ultima Frontiera. Intussen is er een gastenverblijf verrezen met luxe, zeer ruime hotelkamers en een goede keuken. En er zijn schuilhutten gebouwd. Veel schuilhutten. De allereerste was niet meer dan een primitief soort washokje (iemand noemt het een wasmachine) voor één slank persoon, met een luikje en een gordijn. Sindsdien zijn er ook zeer comfortabele schuilhutten voor zes personen, met spiegelende ramen, bureaustoelen, ventilatoren en zelfs sanitair. Het enige dat hieraan nog ontbreekt is een kelner en roomservice.

Goed, hier zitten we dus een week lang. Of beter: een week te kort.

IMG_2294

_MG_4665

Vaste patronen

Ons verblijf voltrekt zich elke dag volgens een vast patroon. ’s Avonds maken we een verdeling over de verschillende schuilhutten voor de volgende ochtend en namiddag. ’s Ochtends om 5 uur gaat de wekker, een snel ontbijtje, dan een aantal uren de schuilhut in, een uitgebreide lunch, even foto’s inladen en resultaten bekijken, tukkie doen, rond 16 uur opnieuw een schuilhut in, begin van de avond even kikkers en zonsondergangen fotograferen, om 21 uur een enigszins bescheiden dinertje, nieuwe planning maken en tenslotte om 24 uur het mandje in. Gemiddeld haal ik per dag 5 a 6 uur slaap; ruim genoeg om na een week volkomen uitgeput huiswaarts te keren. Veel mensen gebruiken hun vakantie om uit te rusten….

Dobbelen om een plek in de favoriete hutten?

We zijn hier met negen Hollanders (onze groep), vier Italianen en een Israëli. Al snel is duidelijk welke van de 28 schuilhutten het meest populair zijn. Naast het fotograferen vanuit de hutten zijn er ook mogelijkheden om een uitstapje te maken naar een steppegebied, met een gecamoufleerde boot het water op te gaan of op eigen houtje wat rond te struinen. Met 28 hutten hoeft de verdeling geen gevecht te worden. Bovendien is het de hele komende week stabiel warm en zonnig weer. De omstandigheden zijn dus elke dag hetzelfde. Gelukkig is het slechts eenmaal nodig om te dobbelen om beschikbare plekken en dat is nota bene bijna aan het einde van de week.

IMG_2291

Logistieke uitdagingen voor de staf.

Meer dan 15 gasten per week telt deze accommodatie niet, het hotel beschikt daarom over een beperkte staf die het voortreffelijk doen. Op jaarbasis komen hier 300 gasten, dat is alles. De keuken is overigens voortreffelijk: risotto, goulash, barbecue, groentesoep, vers fruit, dagelijks versgebakken broodjes, een professionele koffiemachine, een goed gevulde koelkast  En dat in deze geïsoleerde omgeving. Enkel polenta valt niet in de smaak, maar dat is ze vergeven, we komen niets tekort.

DickMarkesteijn_CostaRica201027

Het restaurant van Ultima Frontiera – Foto: Bart Siebelink

De andere uitdaging is het verspreiden van de gasten over de schuilhutten. Daarvoor beschikt Ultima Frontiera over twee landrovers en acht golfkarretjes. Golfkarretjes? Is dat niet een beetje decadent? Aha, het blijkt een geniale greep! Wie niet met een landrover gedropt wordt bij een speciale of anderszins onbereikbare plek, die stapt alleen of met zijn tweeën in een karretje en hobbelt zich een weg door het uitgestrekte, doch overzichtelijke reservaat, een plattegrond bij de hand. Er zijn geen buitenstaanders te bekennen, de karretjes kunnen dus zomaar worden achtergelaten, zolang je een eventueel hek maar achter je sluit en het karretje keurig terugbrengt. Dat de staf elke dag trouw de elektrische karretjes oplaadt, dat is voor hen onderdeel van de dagelijkse routine. Over geld hoef ik hier niets op te schrijven: alles is inclusief, zelfs de drankjes.

DickMarkesteijn_CostaRica201029

Golfkarretje “deluxe”, compleet met camouflage – Foto: Adri Mullenders

Dan is er nog de uitdaging van het instandhouden van de schuilhutten. De ruiten moeten dagelijks gezeemd en voor de vogels zijn “incentives” nodig. Zoals wij onze vogels voeren met pinda’s en een vogelbadje, zo gebeurt dat ook hier. De arend wil graag een stukje vis, de steenuil lust graag een kakkerlak, de specht is gek op pindakaas, de bijeneter, ijsvogel en hop redden zichzelf. Ik verwonder mij er over dat de beide mannen van de staf, Marco en Federico, het klaar spelen dagelijks voor een grote vis en een dosis kakkerlakken te zorgen. Noem het vanzelfsprekend en je kleunt mis.

Steenuilen zo dichtbij, zelden gezien!

Vlakbij het hotel staat een vervallen schuur met een half ingezakt dak. Dat is precies wat steenuilen nodig hebben. Het is een ideale plek voor muizen, insecten en een bescheiden nestruimte. Marco plaatste er een schuilhutje, wierp een hoop stenen voor de hut, brengt geregeld wat insecten in de steenhoop en voila: het theater is open! Steenuilen hebben hun favoriete hangplekken. Nu er eenmaal een paartje huist met inmiddels uitgevlogen jongen, is de kans reëel om ze werkelijk te zien.

IMG_2046

IMG_2043

Dit is waar een steenuil zich thuis voelt

_MG_5136

 

De “steenuilenhut” staat hoog op mijn wensenlijstje, maar we zullen even moeten wachten. Anderen zijn eerst aan de beurt. We horen van het succes: na drie minuten in de hut verschijnt al een steenuil. Mijn enthousiasme laait nog verder op: ja, ik wil! De hut telt maar twee plekken, dus dat wordt knokken? Welnee, Aukje en ik mogen al op de tweede dag.

Vol verwachting strijk ik met een reisgenoot halverwege de middag neer. Het licht is nog hard, maar de zon staat precies achter de hut, dus dat belooft tegen de avond een mooi zacht strijklicht. De steenhoop bevindt zich op amper drie meter achter de spiegelende ruit. Links staat een oude boom, rechts kijken we tegen de dakpannen. We wachten. De drie minuten zijn allang voorbij. We wachten. Hé, een ekster. Die vliegen ons hier om de oren, net als in Nederland. Niks bijzonders dus. De ekster vertrekt al snel en het wordt weer stil. Geen hagedis, geen mus en ook geen muis, niks… Een uur gaat voorbij, twee uren gaan voorbij. Het is muisstil. Het is zes uur geweest. “Hoe lang blijven we nog?”, vraagt mijn metgezel. En een kwartier later: “Zullen we kikkers gaan doen bij de haven?” Zij is fotograaf, geen vogelaar, dus ik begrijp het wel. Dan ineens: wij zien de uil op de nok van het dak. Op slag keren de kansen  Het is te ver voor een portret. Niettemin: dit geeft hoop.

_MG_5155

Na een tijdje verdwijnt de steenuil net zo ongemerkt als hij is verschenen. Het is weer stil. Weer wachten. En precies op het moment dat het gevreesde woord “kikker” weer dreigt te vallen… daar is de steenuil! Precies bovenop de steenhoop. Het kijkt ons met grote ogen aan en blijft zitten.

_MG_5163

_MG_5164

_MG_5157

Een droom! Ik ben de gelukkigste mens van de wereld. Nog nooit in mijn leven zag ik een steenuil zo pontificaal en zo vlak voor mijn neus. Op een paar meter! De steenuil is de kleinste uilensoort in onze regionen en meet van kruin tot en met staart 22 centimeter. Ter vergelijk: een spreeuw is eveneens 22 cm en een merel zelfs ietsje groter: 25 cm. In het Engels heet deze daarom heel toepasselijk: Little Owl. Het uiltje vermaakt ons. Het heeft het kennelijk naar de zin, hier op de steenhoop. Ik heb alle tijd voor diverse portretten en vergeet ook niet naar hartelust te filmen. Hier is de video.

 

_MG_5211

 

Achter ons hoor ik een schril roepje dat ik onmiddellijk herken van www.beleefdelente.nl. De webcams van Vogelbescherming die ons elk jaar unieke beelden tonen in de nestkasten van onder meer steenuilen. Er zijn jonge steenuilen in de buurt die roepen om hun moeder. Die roepen om eten! De steenuil-ouder komt in beweging en loert in de hoop stenen. Hij (waarschijnlijk zij) duikt naar beneden en duikt weer op, met een kakkerlak. Een bijna volwassen jong vliegt er prompt heen, grijpt bliksemsnel het insect en vliegt weg, zonder dankjewel te zeggen.

_MG_5186

 

De ouder drentelt nog even, pakt een nieuwe kever en verorbert het, pal voor onze neus. Dan vliegt ze de oude boom in. Even later landt er weer een uil op de steenhoop. Aan de ogen kun je op de foto zien dat het een andere is. We genieten. En we hebben na al dit genot warempel nog tijd voor kikkers!

 

_MG_5251

_MG_5193

 

Kikkers fotograferen, laag, lager, plons?

Zoals bij aankomst al opgemerkt, het barst hier van de groene kikkers. Maar hoe maak je daarvan een pakkend beeld? Een laag standpunt, dat is het recept. Kikkerperspectief? Ja, maar liefst nóg lager. We beginnen maar eens vanaf de steiger, daarna vanaf het stenige talud. Ik ben al niet zo lenig en zet mij schrap om niet het water in te schuiven. Ik kom niet laag genoeg en schiet in een kramp.

DickMarkesteijn_CostaRica201022

Gymnastieken op de steiger voor een laag standpunt – Foto: Bart Siebelink

IMG_2134

Bart Siebelink, onze reisleider deelt mijn standpunt: “we moeten lager, tot op het wateroppervlak; “Bart, het water is warm, we gaan de volgende keer gewoon in onze zwembroek het water in” We moeten wel voorzichtig zijn, want op de bodem van het haventje ligt waarschijnlijk glas, ijzer en allerlei ander scherp spul op de bodem. Daar wil je niet in gaan staan. We overleggen met Marco, want die heeft overal een oplossing voor. Niks is te gek. “Kunnen we te water, is er een bootje, of bouwen we een vlot?” “In dat water zitten bloedzuigers, wil je dat? Laat me nadenken”. De volgende dag liggen er twee roeibootjes aan de steiger. We kijken elkaar aan: “waar komen die ineens vandaan?”. En hij heeft een hengel. “Een hengel?” Marco knoopt een snoeppapiertje aan de draad en hengelt er wat mee tussen de waternoot. Prompt springen de kikkers als hongerige wolven naar de glimmende prooi, huizenhoog.

Ondertussen hang ik half buiten het bootje met mijn camera, laag, lager, … Het bootje wankelt, ik wankel ook. Mijn zwaartepunt zit al bijna naast de boot, die steeds verder overhevelt. Als dat maar goed gaat.. O jee…

DickMarkesteijn_CostaRica201004

Laag, lager, laagst – Foto: Bart Siebelink

Een reisgenoot kiest een uitstekende balk van een woonark. Zeker, het is een stabielere plek, echter niet bepaald een werkplek van twee vierkante meter. Nee, eerder 20 bij 30 centimeter. Op de knietjes en dan naar beneden reiken, met hulp van een hoekzoeker. Blijf dan maar eens uit een kramp…. Ze maalt er niet om: alles voor een sterke foto!

IMG_2198

 

Als die kikker nou maar eens bleef zitten… En jawel, daarvoor had Marco immers het papieren lokaas aan de hengel?! Briljant! Hieronder mijn foto’s. Je zou die van mijn reisgenoot eens moeten zien…. Waauww!

IMG_1502

IMG_2159

Unieke portretten van een zeearend

Een nieuwe dag breekt sneller aan dan goed voor mij is. Het goede nieuws is dat ik mee mag in de fotohut voor de zeearend. Er is plek voor zes, wat een weelde. Marco legt een uit de kluiten gewassen vis in een kuil en verankert deze met flink wat betonijzer in de grond. Hij heeft er een voorhamer voor nodig. Een flinke arend die er met deze vis vandoor gaat. In de verte zit de arend al in een hoge wilg, het is slechts een stipje. Marco strooit wat vogelvoer in het rond.

DickMarkesteijn_CostaRica201001

De schuilhut voor de zeearend. Door het spiegelend glas zijn de zes inzittenden onzichtbaar – Foto: Bart Siebelink

De ramen worden nog even gelapt, de verkoelende ventilatoren aangezet. De camera’s worden gesteld op de statieven. We zijn er klaar voor. De landrover is nog niet vertrokken of tientallen eksters en bonte kraaien strijken neer, aangetrokken door het voer en door de vis. Mijn camera is nog niet eens goed ingesteld als ik hoor fluisteren: “The white-tailed eagle is coming!” En warempel, een zeearend met een opvallend witte staart vliegt voorbij, strijkt neer op een boomstronk en blijft daar een tijdlang zitten. Het is een fraai gezicht, deze majestueuze vogel, waarbij de kraaien in het niet vallen, met zijn opvallend grote gele snavel en dito machtige gele klauwen. Wat een heerlijk beeld.

_MG_5382

Zeearend – White-tailed-Eagle

_MG_5405

Terwijl het langzaamaan steeds lichter wordt, blijft de adelaar om zich heen kijken en blijven de camera’s snorren. Dan gaat het snel. Een tweede zeearend vliegt over en landt naast de andere. Tegelijk zien we een roofvogel laag vliegen boven het veld, met een de vleugels in een kenmerkende doorgezakte V-vorm: een bruine kiekendief. Hij landt bij de vis, gadegeslagen door beide arenden. In de weeromstuit merk ik niet dat de overige hutbewoners de blik intussen hebben gericht op een paartje hoppen op een kale tak ter linkerzijde. Beiden de kuif omhoog. Ik ben een seconde te laat voor een foto. We hebben het druk!

Een dag later, ik zit opnieuw in deze hut, zien we opnieuw een hop op dezelfde tak. En deze keer wél op de gevoelige plaat.

_MG_6067

 

Jakhalzen sjouwen hier ook volop rond. Ze zijn wat schuw, maar eenmaal de smaak van de vis te pakken, zijn ze hondsbrutaal en zelfs voor de grotere arend niet bang. De arend kiest eieren voor zijn geld en wacht bovenop de boomstronk net zo lang tot de jakhals er genoeg van heeft. Gelukkig blijft het hele schouwspel vlak voor ons neus. Daardoor hebben wij urenlang de tijd voor wat unieke portretten.

_MG_5689

Versie 2

_MG_6447

_MG_6514

_MG_6075

Versie 2 (2)

_MG_6314

DickMarkesteijn_CostaRica201003

Tussendoor knijpen wij zelfs even een oogje dicht voor een hazenslaapje. Wat een weelde! – Foto: Bart Siebelink

Onverstoorbare ijsvogels

Er is nog een bijzondere plek waar iedereen wel heen wil: hut nummer 4, aan het water, voor vier personen. Je kijkt hier uit over een meertje omzoomd door riet. Geen glas ervoor deze keer, enkel een camouflagenet. Er zijn ook kijkgaten op de grond, voor een extra laag standpunt. Als we de hut binnensluipen zien we prompt een purperreiger in het riet. Ook niet een vogel die we elke dag zien. In het water steken enkele dode takken uit, ideaal voor aalscholvers en … ijsvogels. We zijn amper neergestreken in de hut en het is al raak: een ijsvogel! Prachtig mooi in beeld zeg!

_MG_5810

 

Ik maak er meteen maar een video van, want die mogelijkheid biedt mijn spiegelreflexcamera. Prompt duikt de ijsvogel het water in . Weg is ‘ie. Ik blijf filmen, want ijsvgels keren vaak weer terug op dezelfde tak. En hop, inderdaad, daar is ‘ie weer. Even later zien we er weer één. Nu recht voor ons. Deze heeft een mooie vis te pakken. IJsvogels draaien de vis altijd zo dat de kop eerst wordt ingeslikt. Dat is puur praktisch, immers dan strijken ze niet tegen de schubben in en glijdt de vis zo naar binnen. Deze ijsvogel draait de vis juist andersom. Dat heeft ook een goede reden. Dat doen ze altijd als er een jong gevoerd moet worden. Logisch, nietwaar? Dat maakt waarom het minstens zo leuk is om vogels te observeren in plaats van ze eindeloos te fotograferen. Zo leren we nog eens wat.

_MG_5815

Ik vertel u nog dat het dakje van deze schuilhut bedekt is met riet en takken. Laat dat nou ook een favoriete uitkijkplaats voor de ijsvogel zijn. Af en toe zit er één bijna ongemerkt op minder dan 50 centimeter van onze hoofden. We gloeien van enthousiasme. Wat is dit fraai zeg. Ongelofelijk. Zo dichtbij als in deze hut heb ik ijsvogels nog nooit gezien. Schitterend! Net als bij de steenuilen heb ik ook deze keer een filmpje gemaakt. Grappig hoe foto’s dan ineens tot leven lijken te komen.

Versie 2 (1)

IMG_2233

_MG_5933

Dit lijkt mij een oeverloper

Een bij met een bijeneter

Er is een hut die blijkbaar minder populair is. Toch vind ik die heel interessant. De hut staat in het open veld, vlakbij het hotel. Het is bedoeld voor het zien van bijeneters. Die vliegen hier volop rond en dat merk je vooral aan het zwoele geluid dat ze voortdurend produceren. Het klikt als een warm “prie-oe”. Een heerlijk geluid. De naam zegt het al: het zijn bijeneters. En dus vooral overdag actief. Het zijn werkelijk schitterend gekleurde vogels, met zowat alle kleuren van de regenboog. In warme zomers worden ze ook wel eens gezien, sporadisch eigenlijk. En heel soms broeden er wel eens wat paartjes in Nederland. Maar je ziet ze vooral in Zuid- en Oost-Europa. Heb je het geluid eenmaal gehoord dan vergeet je het nooit meer en weet je het zodra ze in de buurt zijn. Ik duik midden op de dag de hut in en o o wat een feest. Overal rondom hoor je het “prie-oe”. Maar zien? Ho maar. Pas na anderhalf uur geduld heb ik geluk: twee prachtige bijeneters op het hek, vlakbij de hut. En even later nog één. Hé, kijk nou: die heeft een mooie bij te pakken. Ik tref doel en heb een scherpe bij. Heel mooi, die bij. En gelukkig: er zit een bijeneter aan vast! Genieten maar! Komt allen naar deze hut!

Hieronder de video-opname die ik hier maakte. Let vooral ook op het heldere geluid met het voortdurende zwoele “prie-oe” van de bijeneters.

DickMarkesteijn_CostaRica201008

In de bijeneter-hut – Foto: Bart Siebelink

 

 

_MG_5953

_MG_5957

_MG_5969

Ter afsluiting

Het is een gruwelijk eind reizen naar Ultima Frontiera in Roemenië, echter zodra je er bent waan je je onmiddellijk in een paradijs. En zo word je ook behandeld: als een vorst. De woorden “nee”en “ja, maar”staan niet in het woordenboek van de staf. In april 2016 organiseert het Centrum voor Natuurfotografie opnieuw een fotografiereis naar deze heerlijke plek in het hart van de Donaudelta.

Ter afsluiting nog een paar foto’s.

IMG_2265

Het uitzicht vanuit een fotohut in het bos

_MG_6196

Een silhouet is soms interessanter dan een registratiefoto (Grote Bonte Specht)

IMG_1464

Jonge torenvalk zit kalmpjes naast onze landrover

_MG_6060

Een fazant haast zich voorbij aan de zeearendhut

_MG_4659

IMG_2396